Een operatie voor een appelflap


Leestijd: 3 minuten

Mijn been in kalkgips‘Jezus, dit lijkt wel gips uit de jaren tachtig! Wie heeft dit gedaan?’, riep de dokter oprecht verbaasd uit toen hij binnenkwam. Hij draaide zich naar zijn jonge student en vroeg: ‘Vertel me eens, wat klopt hier niet aan?’ De dokter in opleiding dacht even na, streek met zijn hand over mijn gegipste enkel en zei: ‘Nou, het ziet er niet egaal uit en het lijkt me nogal zwaar.’ De dokter maakte een verontwaardigd geluid. ‘Heb je de stand van die enkel gezien?’, riep hij uit. Als we hem zo nog zes weken hadden laten staan, had hij op zijn tenen moeten lopen, omdat zijn achillespees te kort zou zijn geworden. En ja, je hebt gelijk. Het lijkt wel een maanlandschap. Dit gips gaat eraf! … De dokter liep haastig de deur uit om zijn gipsmeester te halen.

Ik hoorde dit alles glimlachend aan. Ik mocht deze dokter wel. Ik zat rustig in mijn rolstoel naast een behandeltafel in het ziekenhuis en vond de situatie eigenlijk wel komisch. Vlak daarvoor had de verpleegkundige me verteld wat ik al wist; dat ik mijn kuitbeen goed gebroken had en dat dat geopereerd zou moeten worden.

De dokter kwam terug met zijn gipsmeester en sprak opnieuw zijn verbazing uit over mijn blok aan het been. ‘We gaan je sowieso nieuw gips geven.’, zei hij. En we gaan je binnen nu en twee weken opereren. Ik verzekerde de dokter dat het me niet snel genoeg kon gaan. Blind zijn en in een rolstoel zitten heeft zo z’n eigen uitdagingen op het gebied van mobiliteit en oriëntatie. Hij reageerde begripvol en beloofde me te zullen kijken wanneer hij een gaatje op de planning had. ‘Ondertussen neemt de gipsmeester je onder handen.’, zei hij en liep de deur weer uit.

De gipsmeester stelde zich aan me voor. Stiekem vond ik dit wel spannend. De geluiden uit de behandelkamers naast me leken meer op die van een bouwplaats dan op die van een ziekenhuis. De gipsmeester nam de tijd me rustig uit te leggen hoe hij me zou verlossen van het stuk gips aan mijn been. Geen cirkel- of decoupeerzagen, maar een klein apparaatje dat zich met behulp van warmte en trillingen door het omhulsel heen zou duwen. En hij had natuurlijk gelijk over de snelheid en de pijn. Binnen enkele minuten was het gips pijnloos verwijderd en lag mijn been naakt op de behandeltafel. Zo zonder gips leek mijn linkerbeen heel fragiel en kwetsbaar. Doordat ik geen pijn had vroeg ik me af of mijn enkel wel écht gebroken was.

De dokter kwam een kijkje nemen en verzekerde me dat de zwelling er erg goed uit zag. Dat wil zeggen, de zwelling was zo goed als helemaal weg en dit was positief nieuws voor een eventuele operatie. De dokter legde een hand op mijn schouder en zei: ‘Ik heb goed nieuws voor je. Morgenmiddag kan je geopereerd worden.’ De verbazing moest van mijn gezicht te lezen zijn. Ik had gehoopt op morgen of vrijdag, maar had er absoluut niet op gerekend dat het ook echt zo snel zou kunnen gaan. ‘Het gaat je wel wat kosten…’, zei de dokter vertrouwelijk. Ik keek hem geschrokken aan. Hij moest lachen en zei: ‘Twee lekkere appelflappen.’ Ik moest lachen, maar nam mezelf voor deze echt bij hem te bezorgen. Ik was zo blij dat ik zo snel geholpen kon worden!

De gipsmeester bracht vervolgens een nieuw, behoorlijk wat moderner ogend stuk gips aan rond mijn been. We deden een halfslachtige poging mijn enkel in de juiste positie te zetten, aangezien we allebei wisten dat dit stuk gips morgen weer doorgezaagd zou worden. Het gips voelde warm aan. Ik durfde voor het eerst verder aan mijn herstel te denken. Na de operatie zou die immers officieel beginnen.

Na een bezoek aan de poli voor medicijnen, de anesthesist en de opnameverpleegkundige rolde ik het ziekenhuis uit. Morgenmiddag, 12:15. Ik had het niet mooier kunnen krijgen.

1 Comments

  • Edith (#)
    juli 18th, 2019

    Echt een toffe arts.